O, vreugdevolle konijnenavond,

Gij werkt opbeurend en beschavend.

Op allen, die op zeer hoog peil,

Gesprekken voeren over ’t heil.

Van ’t land en met een glaasje kwast,

Zoals het sobere mensen past.

Hun dorst verdrijven en zich wel,

Bevinden bij het konijnenspel.

Maar zij die ’t zoeken in plezier,

En bij het zesde potje bier,

Eerst recht op dreef gekomen zijn,

Zij volgen een gans andere lijn.

Voeren gesprekken die beslist,

Verheffend zijn………zo gij ze mist.

En nemen beurt beurt het woord,

Met, zeg heb je dat al gehoord.

Ook wordt erbij sigarenrook,

Zo waar nog vergadert ook.

De heren spelen ’t dikwijls sterk, 

Het bestuur kan ook weer aan het werk.

Ook het tellen van de kampioen,

Die zich voorneemt om zijn best te doen.

Wie denkt dat konijnen e.d. makkelijk is,

Die slaat de plank volkomen mis.

En slechts hij die de kunst verstaat, 

Met alle F-jes strijken gaat.

Het mooie van de klein dierensport,

Is dat men er niet nat bij wordt.

Want regenbuien lang of kort, 

Zij belemmeren ons niet in onze sport.

Tot slot, maak het elkander naar de zin,

En houdt de vrolijkheid er in.

Dan duren de avondente kort,

Voor de onvolprezen klein dierensport!

H.J.Bolder